ik ben wie ik ben wie ik ben wie ik
niet wil zijn en
ik maak ‘t alleen maar erger en
het doet alleen maar pijn
"ben je bang, ben je bang"
dat ‘t eigenlijk allang
gedaan is en dat je
gewoon niet tegen
de muur durft
te gaan staan
(of de ander tegen
de muur durft
te zetten)
Houd nu vast, waarschijnlijkheid
en laat mij niet alleen
Geef mij de oneindigheid
zodat ik niet vergeet
Het zijn de golven waarop je drijft
zonder mij
een hand te reiken
zonder nood te laten blijken
die mij doen schrijnen op het droge
met wat touw en met wat hout
heb ik een vlot gebouwd
en houd ik mijn hoofd hoog
boven al dat diepe blauw
o ja, dat was wat ik de laatste tijd mis.
de twijfel.
over wie ik ben, wie ik wil zijn, wat ik wil doen, hoe ik dat wil doen.
ja ik weet dat ik daarin niet de enige ben,
maar dat maakt de wanhoop niet minder.
Op deze regenachtige dag
doe ik een wedstrijdje
tranen vergieten
met de grijze wolken
(en word ik niet verslagen)
